Derde Tussenperiode

Dit deel van de koningslijst bevat de namen van alle nu bekende vorsten van de Derde Tussenperiode.

Net zoals in de Eerste Tussenperiode vonden er in deze periode grote veranderingen plaats. De toenemende aanwezigheid en invloed van de Libiërs en Nubiërs zorgde voor een andere politiek, maatschappij en cultuur.

Herihor en zijn vrouw Nodjmet in aanbidding van Osiris, British Museum, London.

De laatste vorst van het Nieuwe Rijk, Ramses XI, stuurde zijn generaal Herihor naar Thebe om Pahnesi, de onderkoning van Nubië, terug te dringen. Die probeerde de macht van de Amonpriesters in Thebe in te dammen en controleerde enkele jaren het zuiden van Egypte, inclusief de Thebaanse regio. Herihor wist Pahnesi terug te dringen tot in Nubië en werd daarvoor beloond met het ambt van hogepriester van Amon in Thebe. Na de dood van Ramses XI riep Herihor zich uit tot heerser en schreef zijn naam in cartouches. Daarmee werd hij de eerste farao van de Thebaanse tak van de 21ste dynastie. In het noorden greep Nesibanebdjedet I (Smendes) de macht. Hij was getrouwd met Tentamoen B, waarschijnlijk een dochter van Ramses XI.

Herihor werd als generaal en hogepriester opgevolgd door zijn schoonzoon Pianchy, niet te verwarren met farao Pianchy uit de 25ste dynastie, zo’n 300 jaar later. Zijn zoon Pinodjem I werd de tweede farao van de 21ste dynastie. Na zijn dood werden zijn zoons Pasebachanioet I en Mencheperra de vorsten van het noorden en zuiden. Lees meer over Pinodjem I op onze website www.kemet.nl
Rond 989 v. Chr. kwam in het noorden een nieuwe familie aan de macht onder leiding van Osorkon de oudere. Hij was lid van een Libische stam, de Mesjwesj genaamd. De oorzaak van die machtsovername lag al in de tijd van Ramses III. Na een periode van conflicten liet hij de overwonnen Mesjwesj zich vestigen in diverse militaire vestigingen en integreren in de cultuur en samenleving.

De Thebaanse hogepriester Pasebachanioet II werd nog wel machthebber in het noorden. Maar de invloed van de Mesjwesj was toen al zo groot, dat ze na zijn bewind de definitieve macht in het noorden grepen. Zo was Sjosjenq I, de eerste vorst van de 22ste dynastie, de neef van Osorkon de oudere. En zijn zoon en opvolger Osorkon I was getrouwd met de dochter van Pasebachanioet II. Sjosjenq I en Osorkon I vormden het begin van een lijn van Egyptische farao’s van Mesjwesj-komaf die samen de 22ste dynastie in Tanis vormden.

De grafkamer van farao Pianchy in Opper-Nubië

In Thebe, Memfis en Herakleopolis regeerden ondertussen verschillende personen als hogepriester van Amon. De vorsten in Tanis probeerden hun familieleden of hooggeplaatste personen naar voren te schuiven als hogepriester van Amon of via een huwelijk aan deze hogepriesters van het zuiden te koppelen. Dat lukte maar ten dele en gaandeweg werd de macht van provinciale nomarchen in het zuiden groter. Dat leidde tot diverse conflicten tussen Tanis en Thebe en versnippering van de macht. Zo is op een stèle van de Nubische farao Pianchy uit de 25ste dynastie te lezen dat er tijdens zijn regeerperiode diverse personen waren die zichzelf tot vorst hadden uitgeroepen in diverse delen van Egypte.

Pianchy zelf nam Thebe in, trok vervolgens steeds verder noordwaarts en nam onderweg ook diverse andere steden in. Vaak door middel van diplomatie, soms met geweld, zoals de stad Memfis in het zuiden van de delta. Daarna onderwierpen de overige lokale vorsten zich aan zijn regiem, waaronder Tefnacht die heerste vanuit de stad Saïs in de westelijke Delta.

Lees meer over Pianchi op onze website www.kemet.nl

Na zijn machtsvertoon keerde Pianchy terug naar Nubië. Dat bood nieuwe kansen. Tefnacht riep zichzelf uit tot farao en startte zo de 24ste dynastie. Hij werd opgevolgd door Bakenranef. De opvolger van Pianchy, Sjabaka, zag dit als een bedreiging en startte een nieuwe campagne in het noorden waarbij hij uiteindelijk Bakenranef gevangen nam en hem volgens sommige bronnen levend liet verbranden.

De farao’s van de 25ste dynastie voerden echter een agressief buitenlands beleid dat al snel leidde tot conflicten met Assyrië, vooral onder het bewind van farao Taharka. De Assyrische koning Esarhaddon versloeg het leger van Taharka en nam Memfis in, maar Taharka wist naar Nubië te ontsnappen. Na de dood van Esarhaddon werd zijn zoon Assurbanipal tot koning van Assyrië gekroond. Taharka putte daaruit moed en probeerde zijn troon in Egypte te heroveren. Assurbanipal werd daardoor gedwongen tegen Taharka ten strijde te trekken. In 664 v. Chr. bereikten de troepen van Assurbanipal de stad Thebe. Daarbij werden de tempels van Amon-Ra geplunderd en verscheidene andere religieuze bouwwerken vernietigd.


Assurbanipal wees vervolgens Psjamtek I, waarschijnlijk een nazaat van Tefnacht, aan als heerser van de delta en Memfis. Maar toen Assurbanipal zich, vanwege conflicten met Arabische stammen en een burgeroorlog in eigen land, terugtrok uit Egypte, greep Psamtjek I de macht over heel Egypte en werd de eerste vorst van de 26ste dynastie. Omdat Psamtjek I regeerde vanuit Saïs, wordt de 26ste dynastie ook wel de Saïtische periode genoemd.
In deze periode kwam Egypte na ruim 400 jaar van onrust en verdeeldheid weer tot bloei, totdat de Perzische sjah Cambyses II in 525 v. Chr. Egypte binnenviel.

Verklaring symbolen:
– (Q) = vrouwelijke vorst
– (C) = co regentschap
– ? = naam of jaartal onbekend
– […] = deel van de naam onbekend

Derde tussenperiode.
21ste – 26ste dynastie: 1078 – 525 v. Chr.

21ste dynastie (Thebe): 1073- 993 v. Chr.

TroonnaamGeboortenaamRegeerperiodeRegeringsjaren
HemnetjertepyënamonHerihor1073-105815
Cheperchara-SetepenamonPinodjem I1058-103623
HemnetjertepyënamonMencheperra1036-99541
?Nesibanebdjedet II995-9932
Pinodjem in aanbidding voor Osiris, Egyptisch Museum, Caïro

21ste dynastie (Tanis): 1073 – 948 v. Chr.

TroonnaamGeboortenaamRegeerperiodeRegeringsjaren
Hedjcheperra-SetepenraNesibanebdjedet I
(Smendes)
1073-104925
Neferkara-
Hekawaset
Amenemnisoe(C)1049-10463
Aächeperra-SetepenamonPasebachanioet I1046-99848
Wesermaätra-SetepenamonAmenemope (C)998-9899
Aächeperra-SetepenraOsorkon de
oudere
989-9836
Netjercheperra-SetepenamonSiamon983-96419
Titcheperoera-SetepenraPasebachanioet II964-94816
Pasebachanioet I, Egyptisch Museum, Caïro


22ste dynastie (Tanis): 948 – 715 v. Chr.

TroonnaamGeboortenaamRegeerperiodeRegeringsjaren
Hedjcheperra-SetepenraSjosjenq I948-92721
Sechemcheperra-SetepenraOsorkon I927-89235
Hekacheperra-SetepenraSjosjenq II (C)895-8951
Hedjcheperra-SetepenraTakelot I892-87715
Wesermaätra-SetepenamonOsorkon II877-83839
Wesermaätra-SetepenraSjosjenq III838-79840
Hedjcheperra-SetepenraSjosjenq IV798-78613
Wesermaätra-SetepenamonPimay786-7806
AcheperraSjosjenq V780-74337
SehetepibenraPedoebast II743-73310
Acheperra-SetepenamonOsorkon IV733-71518
Osorkon I, Louvre, Parijs


23ste dynastie

Verschillende vorsten en hogepriesters in Tanis, Thebe, Memfis, Herakleopolis, Leontopolis en Hermopolis.

Tanis: 743 – 715 v. Chr.

TroonnaamGeboortenaamRegeerperiodeRegeringsjaren
SehetepibenraPedoebast II743-73310
Acheperra SetepenamonOsorkon IV733-71518

Thebe: 867 – 724 v. Chr.

TroonnaamGeboortenaamRegeerperiodeRegeringsjaren
Hedjcheperra-SetepamonHarsiese867-85710
Hedjcheperra-SetepenraTakelot II841-81526
Wesermaätra-SetepenamonPedoebast I830-79925
?Ioepoet I (C)815-8132
Wesermaätra-SetepenamonOsorkon III797-76727
WesermaätraTakelot III774-75915
Wesermaätra-SetepenamonRoedjamon759-73920
?Iny739-7345
NeferkaraPeftjaoeybast734-72410


24ste dynastie: 731 – 723 v. Chr.

TroonnaamGeboortenaamRegeerperiodeRegeringsjaren
SjepsesraTefnacht731-7238
WahkaraBakenranef723-7176

25ste dynastie: 752 – 656 v. Chr.

TroonnaamGeboortenaamRegeerperiodeRegeringsjaren
SeneferraPianchy752-72231
NeferkaraSjabaka722-70715
DjedkaraSjabataka707-69017
ChoenefertoemraTaharka690-66426
BakaraTanoetamon664-6568
Taharka offert wijn aan Hemen, Louvre, Parijs

26ste dynastie: 664 – 525 v. Chr.
Saïtische periode.

TroonnaamGeboortenaamRegeerperiodeRegeringsjaren
WahibraPsamtmetichos I664-61054
WehemibraNekaoe II610-59515
NeferibraPsammetichos II595-5896
HaaibraWahibra589-57019
ChnemibraAhmose II570-52644
AnchaenraPsammetichos III526-5251
Ahmose II, Neues Museum, Berlijn